Activering gemeenten m.b.t. gebiedsgerichte monumentenzorg en herbestemming

Culturele planologie is zowel bij het rijk als bij de provincie een van de speerpunten van het nieuwe monumentenbeleid. Nota bene, per 1 januari 2012  treedt het gewijzigde Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in werking dat bepaalt dat bij het maken van bestemmingsplannen rekening dient te worden gehouden met cultuurhistorie. In veel gemeenten staat gebiedsgerichte monumentenzorg evenwel nog in de kinderschoenen.

Het vinden van een passende functie voor monumenten is een andere, wezenlijke ‘opdracht’ voor de monumentenzorg. Een passende functie vormt feitelijk de onderlegger voor een duurzaam behoud. Een monument zonder functie is eigenlijk ten dode opgeschreven en kost de gemeenschap handenvol geld. Herbestemming vraagt om een actieve aanpak, waarbij het vinden van nieuwe economische dragers één van de uitdagingen is. Het traject er naar toe is heel divers. Het gaat om waardenstellend onderzoek, het leggen van verbindingen tussen partijen, het zoeken naar nieuw en passend (economisch verantwoord) gebruik, het verrichten van haalbaarheidsonderzoek, enz.  De complexiteit van het proces vereist een team een van deskundigen, dat maatwerk kan leveren. Voor de meeste gemeenten is herbestemming een (te) lastig traject. Ondersteuning is geboden!

Vanuit een brede, themagerichte benadering wil Stichting Monumentenhuis Brabant de nieuwe aandachtsvelden binnen de monumentenzorg naar de gemeenten toe  uit te dragen, waarbij linken worden gelegd tussen de verschillende diensten en producten. Wanneer bijvoorbeeld een kennislacune wordt geconstateerd, kan daar op meerdere fronten aandacht aan worden besteed (onder meer helpdesk, nieuwsbrief, website, cursus). Hiermee kan de effectiviteit van de inzet worden vergroot.