Verbeteren molenbiotoop

In het verbeteren van de molenbiotoop is een sleutelrol weggelegd voor de gemeenten. Dit stappenplan beschrijft welke stappen u als gemeente kunt doorlopen

1. Definieer

De waarde van de molen zit in de molen als bouwwerk, zijn omgeving en zijn geschiedenis.

  • Definieer samen met de molenaar/moleneigenaar of de molenstichting de waarde van de molen en zijn omgeving voor de gemeente. Wat is de geschiedenis van de molen en hoe is de omgeving zo geworden? Dit is van belang voor het creëren van draagvlak en communicatie met de omwonenden.
  • Zorg dat de alle betrokkenen vanuit de gemeente begrip voor en van de situatie krijgen.
  • Maak een molendossier aan opdat de vergaarde kennis ook voor anderen is ontsloten en later eenvoudig kan worden teruggevonden.
2. Inventariseer bestemmingsplannen

Het bestemmingsplan is een belangrijk instrument om de molenbiotoop te “reguleren”. Daarom is het belangrijk hier aandacht voor te hebben.

  • Onderzoek waar in de molenbiotoop de regels voor het buitengebied of voor het binnengebied gelden, en neem de regelgeving correct in de bestemmingsplannen over. Beperkingen voor beplantingshoogte en beheer van de beplanting verdient daarbij extra aandacht.
3. Inventariseer windbelemmeringen

Zowel beplanting als bebouwing kan de windtoevoer hinderen. Degene die door inzicht en ervaring de meeste kennis heeft van de belemmering en de mate van verstoring is de molenaar/ moleneigenaar.

  • Betrek de molenaar/moleneigenaar vanaf het begin bij het proces. Wanneer er geen molenaar aanwezig is kan de hulp van een expert van vereniging de Hollandsche molen of worden ingeroepen.
  • Zet de omgeving van de molen letterlijk op kaart. Geef aan welke elementen binnen de verschillende straalcirkels wind- en zichtbelemmering veroorzaken, in welke mate zij dat thans doen en (in geval van beplantingen) in welke mate zij dat zullen gaan doen wanneer hier niet wordt ingegrepen (zie www.molenbiotoop.nl).
4. Maak een ontwerp

In de ontwerpstap wordt bepaald welke aanpassingen nodig zijn om de biotoop te verbeteren, deze aanpassingen worden afgestemd met zowel de molenaar/molen-eigenaar, de groenbeheerder en andere betrokkenen.

  • Stel vast in welk type omgeving de betreffende molen staat.
  • Zet zowel de gemeentelijke als de particuliere belangen op een rij.
  • Betrek de molenaar/moleneigenaar bij het ontwerpproces. Zij weten wat noodzakelijk en wenselijk is.
  • Betrek de groenbeheerder bij het ontwerpproces. Hij weet wat mogelijk is. is Onderzoek hoe de aangedragen oplossingsrichtingen uit deze handreiking naar de specifieke situatie en omgeving van de molen kunnen worden vertaald.
  • Zorg voor een passend, uitvoerbaar en financieel haalbaar beheerplan, waarbij de soortenkeuze van planten en bomen afgestemd is op de biotoop en het landschap.
  • Laat een beheerplan vaststellen voor het gemeentelijk groen.
  • Neem voor al het groen een aanlegvergunning (met daarin een maximale groeihoogte van beplanting) op in de bestemmingsplannen.
  • Ga samen met de molenaar en de beheerder na wat de effecten van de voorgestelde ingrepen zijn. Visueel ruimtelijke effecten, effecten op de windsituatie en de kosten en opbrengsten van de ingreep.
5. Communiceer

Communicatie is bij elke stap essentieel. Het gaat hierbij om de communicatie met de raad, de direct betrokkenen, de molenaar/moleneigenaar en de omwonenden. Wanneer men niet herkent welk nut de ingreep dient zal er geen draagvlak voor de maatregel zijn.

  • Zorg voor mondeling overleg tussen u als gemeente, molenaar/moleneigenaar, omwonenden en belanghebbenden samen met de gemeentelijke afdeling communicatie.
  • Zorg dat uw (collega)afdelingen (ruimtelijke ordening en groen) van uw gemeente onderling communiceren en taken afstemmen.

De in stap 4 bepaalde effecten op de molen en zijn omgeving kunnen helpen het draagvlak te vergroten.

6. Zorg voor een daadkrachtige uitvoering

De molenbiotoop is alleen gebaat bij een ontwerp wanneer plannen ook tot uitvoering worden gebracht, wanneer de handen uit de mouwen worden gestoken.

  • Breng een fasering aan in de uitvoering van de plannen.. Dit vergroot het draagvlak bij de bewoners.
  • Neem als gemeente het initiatief in de uitvoering. Goed voorbeeld doet volgen. Particulieren zullen niet bereid zijn hun boom te kappen zolang zij niet zien dat de gemeente dit ook doet.
7. Beheer Beplanting om een molen moet beheerd.

Leg het beheer van de beplantingen in het gebied rond de molen vast in een beheerplan

  • Zorg dat dit beheerplan bekend is bij de afdeling RO van de gemeente.
  • Zie erop toe dat het beheer van de molenomgeving goed wordt uitgevoerd. De molenaar kan hierbij een belangrijke rol spelen.
  • Probeer hierbij zoveel mogelijk samen te werken met de molenaar. Groen dicht bij de molen kan door hem worden beheerd wanneer hij daarvoor de bevoegdheid krijgt.
  • Houd contact en werk samen met de grote landschapsorganisaties. Door vrijwilligers in te zetten voor het beheer kunnen de kosten worden beperkt.
  • Kies voor planten- en boomsoorten die goed snoeibaar zijn en in volwassen staat niet te hoog worden.

(ontleend aan “Handreiking Molenbiotopen”, provincie Zuid-Holland)