Planoverleg

Het Monumentenhuis Brabant biedt in samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de provincie Noord-Brabant de mogelijkheid om ingrijpende restauratie- en herbestemmingsplannen voor rijksmonumenten vroegtijdig te bespreken. Het ‘Planoverleg’ is speciaal bedoeld voor gemeenten, architecten en monumenteigenaren met als doel de kwaliteit van het plan te verbeteren en eventuele knelpunten vroegtijdig te signaleren.

Vanwege de grote belangstelling voor het ‘Planoverleg’ is besloten de dienstverlening uit te breiden en het overleg twee keer per maand te laten plaatsvinden. Afwisselend vindt het Planoverleg in het Monumentenhuis (Markt 9 in Geertruidenberg en Den Bosch (provinciehuis) plaats. Bijgevoegd treft u het vergaderschema voor 2019 aan.

Het is ook mogelijk dat er op locatie wordt vergaderd. Op de website van het Monumentenhuis Brabant staat dit steeds aangegeven. Indien u het ‘Planoverleg’ wilt bezoeken, graag minimaal een week van tevoren contact opnemen met m.dejong@monumentenhuisbrabant.nl.

West-Brabant Oost-Brabant
15 januari
29 januari
12 februari
26 februari
12 maart
26 maart
9 april
23 april
14 mei
28 mei
11 juni
25 juni
9 juli
27 augustus
10 september
24 september
8 oktober
29 oktober
12 november
26 november
10 december

Gemeentelijke kerkenvisies

Het Monumentenhuis Brabant heeft samen met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), in afstemming met het provinciale Platform Vrijkomende Kerkgebouwen, in de periode februari – april 2019 vijf bijeenkomsten gehouden over het waarom, hoe en wat van een kerkenvisie. In totaal hebben niet minder dan 257 personen deze bijeenkomsten bezocht. Uit deze grote opkomst blijkt de grote betrokkenheid van Brabanders met de problematiek van het religieus erfgoed. Behalve vertegenwoordigers van kerkbesturen, waren er ook veel raadsleden en andere politieke bestuurders aanwezig. Verder waren er ook diverse leden van dorpsraden en wijkcomités, erfgoedverenigingen en andere betrokken burgers aanwezig.

Tijdens de bijeenkomsten werd van verschillende kanten gewezen op het belang – zeker in het begin van het traject om te komen tot een gemeentelijke kerkenvisie – om op een vertrouwelijke manier het overleg te voeren met de kerkbesturen. Op de stelling ‘de kerk is van ons allemaal’ werd ingebracht dat dit niet alleen juridisch onjuist is, ook feitelijk is dit niet in overeenstemming met de werkelijkheid. De gasrekening bijvoorbeeld, wordt echt niet door ‘ons allemaal’ betaald.

Communicatie en dialoog
Met betrekking tot het aspect ‘vertrouwelijkheid’ werd de kanttekening gemaakt dat er op een gegeven moment wel openheid dient te worden verschaft en dat er communicatie plaatsvindt. De toekomst van religieuze gebouwen gaat immers zeer velen aan. Die betrokkenheid wordt vanuit diverse invalshoeken beleefd.

De totstandkoming van een gemeentelijke kerkenvisie is een prima middel om de dialoog verder te voeren, zo werd door de meesten onderschreven. De RCE heeft hiervoor een handreiking samengesteld, getiteld ‘Bouwstenen voor een kerkenvisie”. Via onderstaande link is deze in te zien: https://www.cultureelerfgoed.nl/publicaties/publicaties/2019/01/01/bouwstenen-voor-een-kerkenvisie-handreiking-2019

Ondersteuning
Vanwege het maatschappelijke belang van het religieus erfgoed, is dit een belangrijk speerpunt van het Monumentenhuis Brabant. Onze organisatie is betrokken bij het opstellen van meerdere gemeentelijke kerkenvisie in onze provincie, zowel in opdracht van gemeenten als kerkbesturen. Wellicht kunnen wij u ook van dienst zijn. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met h.maas@monumentenhuisbrabant.nl

Tevredenheids- en wensenonderzoek dienstverlening Monumentenhuis Brabant

Enige tijd geleden is het onderzoek afgerond naar de dienstverlening van Stichting Monumentenhuis Brabant. Het onderzoek is uitgevoerd onder de ambtenarenmonumentenzorg van de Brabantse gemeenten met als doel te vernemen:

a)  in welke mate gemeenten tevreden zijn over de huidige dienstverlening van Stichting Monumentenhuis Brabant, dit is het provinciale steunpunt voor monumentenzorg en archeologie;
b) of het huidige dienstenpakket van Stichting Monumentenhuis Brabant aansluit bij de behoeften van de gemeenten i.c. wordt daarmee een relevante bijdrage geleverd aan het gemeentelijke monumentenbeleid;
c) of gemeenten bij de uitvoering van hun monumentenzorgtaak behoefte hebben aan nog andere dienstverlening door Stichting Monumentenhuis Brabant. Zoja, wat zijn dan de wensen?

63% van de gemeenten heeft aan het onderzoek deelgenomen.

Enkele bevindingen:

  • 49% van de gemeenten geeft aan dat er niet voldoende tijd besteed kan worden aan de gemeentelijke monumentenzorgtaak.
  • 74% van de gemeenten zegt te weinig kennis in huis te hebben voor de uitvoering van de gemeentelijke monumentenzorgtaak.
  • Bij capaciteits- of kennisproblemen zegt 46% van de gemeenten bepaalde werkzaamheden niet uit te voeren, of later uit te voeren (49%).
  • Het dienstverleningspakket van Stichting Monumentenhuis Brabant wordt door ruim 87% als goed ervaren.
  • De verschillende onderdelen van het dienstverleningspakket van het Monumentenhuis Brabant scoren tussen de 7 en 8.

Speerpunten komende tijd
Mede op basis van de onderzoeksresultaten zal het Monumentenhuis Brabant de komende jaren zich vooral richten op:

  • het ondersteunen gemeenten van bij beleidsontwikkeling (o.a. erfgoedvisie, gemeentelijke kerkenvisie);
  • gebiedsgerichte monumentenzorg / het inbedden van cultuurhistorie in de ruimtelijke ordening;
  • herbestemming van monumentaal erfgoed;
  • monumentenzorg en duurzaamheidsmaatregelen;
  • het ondersteunen van gemeenten bij de implementatie van de Omgevingswet.

Het complete onderzoek kunt u via onderstaande link lezen: http://www.monumentenhuisbrabant.nl/wp-content/uploads/2019/07/Tevredenheids-en-wensenonderzoek-2019_27-mei-2019-def..pdf

Overgangsregeling bij woonhuissubsidie rijksmonumenten

Op 6 mei 2019 is de ‘Subsidieregeling overgang afschaffing fiscale aftrek van uitgaven voor monumentenpanden’ gepubliceerd. Deze overgangsregeling, die door de Minister van OCW werd toegezegd, is bedoeld voor particuliere eigenaren die vóór 2019 zijn begonnen met een instandhoudingsproject aan hun rijksmonument en waarvan de werkzaamheden in 2019 doorlopen.

Kern van de overgangsregeling is een subsidie voor de kosten van in 2019 uitgevoerde werkzaamheden van het project, die door de Belastingdienst, Bureau Monumentenpanden, zijn vastgesteld als zogenaamde‘drukkende onderhoudskosten’.

De subsidieaanvraag dient te worden gedaan in 2020, in dezelfde aanvraagperiode en op hetzelfde aanvraagformulier als voor de woonhuissubsidie: van 1 maart tot en met 30 april 2020. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) behandelt de subsidieaanvraag en verleent de subsidie namens de Minister van OCW.

Meeri nformatie over de ‘Subsidieregeling overgang afschaffing fiscale aftrek van uitgaven voor monumentenpanden is te vinden op de website van RCE: https://www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/subsidie-woonhuismonumenten/bent-u-voor-2019-gestart-met-een-project

Provinciale voorlichtingsbijeenkomst ‘Kerkenvisies’:

Over het waarom, hoe en wat van kerkenvisies

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stelt de komende drie jaar ca. 3 miljoen euro per jaar beschikbaar voor het opstellen van integrale gemeentelijke kerkenvisies. De middelen worden vanaf 1 januari 2019 beschikbaar gesteld aan gemeenten die voornemens zijn om zo’n integrale kerkenvisie op te stellen. De hoogte van de uitkering is gebaseerd op het aantal kerkgebouwen. Het betreft alle aanwezige kerkgebouwen, ook de niet-monumentale. Voor de uitkering – die loopt via het gemeentefonds – geldt de volgende verdeling:
            € 25.000,- voor 1 tot 19 kerken
            € 50.000,- voor 20 t/m 39 kerken
            € 75.000,- voor 40 of meer kerken
Nota bene, het is geen subsidieregeling voor afzonderlijke kerkgebouwen.

Integrale kerkenvisies
Met integrale kerkenvisies wordt bedoeld dat gemeenten, kerkeigenaren,erfgoedorganisaties en betrokken burgers gezamenlijk een strategisch visie ontwikkelen op een duurzame toekomst voor het totale kerkenbestand binnen een gemeente. Een kerkenvisie kan een bouwsteen vormen voor de gemeentelijke omgevingsvisie.

Omdat vele kerkgebouwen (nog) in eigendom zijn van kerkbesturen, is een zekere vertrouwelijkheid bij het opstellen van een kerkenvisie een belangrijk aspect.Wel is het uitgangspunt dat de resultaten van de kerkenvisie publiekelijk moeten worden gedeeld.

Maar wat houdt zo’n kerkenvisie nu precies in? En wat kunnen we leren van eerdere ervaringen? Om hier meer informatie over te geven worden er door de provinciale Steunpunten Monumentenzorg provinciale bijeenkomsten georganiseerd. Voor Noord-Brabant wordt dat gedaan door het Monumentenhuis Brabant.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met h.maas@monumentenhuisbrabant.nl

Woonhuissubsidie vervangt fiscale aftrek voor particuliere eigenaren rijksmonumenten

Op dinsdag 18 december 2018 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het wetsvoorstel om de fiscale aftrek voor rijksmonumenteigenaren af te schaffen. Per 1 januari 2019 is, als alternatief voor die fiscale aftrek, een nieuwe subsidieregeling van kracht. Ook zijn er nieuwe mogelijkheden voor het laagrentend financieren van de restauratie en onderhoud van uw rijksmonument.

Nieuwe subsidieregeling
Eigenaren van een rijksmonument met een woonfunctie kunnen subsidie aanvragen voor  kosten die bijdragen aan de instandhouding van de monumentale onderdelen van het woonhuis-rijksmonument. Het betreft bijvoorbeeld schilderwerk, of het herstel van hemelwaterafvoer, het dak, voegen, kozijnen of de fundering. Elk jaar na afloop van de werkzaamheden kan er subsidie worden aangevraagd. De bijdrage bij deze regeling is 38% van het subsidiabele bedrag, dat wordt gebaseerd op de “Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten”. 

De subsidie kan worden aangevraagd bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed,die ook de beoordeling en toewijzing doet. Een aanvraag kan jaarlijks ingediend worden tussen  1 maart en 30 april,volgend op het kalenderjaar waarin de subsidiabele kosten zijn gemaakt.  Op 1 maart 2020 kan de woonhuissubsidie voor het eerst worden aangevraagd (over het jaar 2019). Er is geen minimum- of maximum aanvraagbedrag. Wel moet een aanvrager bij een aanvraag van meer dan € 70.000,-een inspectierapport overleggen.

Nieuwe financieringsmogelijkheden
Voor de restauratie en onderhoud van het rijksmonument kan vanaf 1 januari 2019 100%van de instandhoudingskosten, ook op basis van de “Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten”,worden gefinancierd via een laagrentende lening van het Nationaal Restauratiefonds.Daarmee krijgt de monumenteigenaar zekerheid van een financiering voorafgaand aan de uitvoering van de plannen. Het rentepercentage is 1%, 10 jaar vast.