Planoverleg

Het Monumentenhuis Brabant biedt in samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de provincie Noord-Brabant de mogelijkheid om ingrijpende restauratie- en herbestemmingsplannen voor rijksmonumenten vroegtijdig te bespreken. Het ‘Planoverleg’ is speciaal bedoeld voor gemeenten, architecten en monumenteigenaren met als doel de kwaliteit van het plan te verbeteren en eventuele knelpunten vroegtijdig te signaleren.

Vanwege de grote belangstelling voor het ‘Planoverleg’ is besloten de dienstverlening uit te breiden en het overleg twee keer per maand te laten plaatsvinden. Afwisselend vindt het Planoverleg in het Monumentenhuis (Markt 9 in Geertruidenberg en Den Bosch (provinciehuis) plaats. Bijgevoegd treft u het vergaderschema voor 2018 aan.

Het is ook mogelijk dat er op locatie wordt vergaderd. Op de website van het Monumentenhuis Brabant staat dit steeds aangegeven. Indien u het ‘Planoverleg’ wilt bezoeken, graag minimaal een week van tevoren contact opnemen met m.dejong@monumentenhuisbrabant.nl.

Geertruidenberg ‘s-Hertogenbosch
30 januari 16 januari
27 februari 13 februari (carnaval)
27 maart 13 maart
24 april 10 april
29 mei 15 mei
26 juni 12 juni
28 augustus 10 juli
25 september 11 september
30 oktober 9 oktober
27 november 13 november
11 december 15 januari 2019
29 januari 2019

7 Juni Bijeenkomst ‘Erfgoed in de omgevingsvisie’

Op donderdagmiddag 7 juni organiseert het Monumentenhuis samen met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed een bijeenkomst over Erfgoed en de Omgevingswet. Tijdens de bijeenkomst gaan we met elkaar in gesprek over hoe erfgoed in de gemeentelijke omgevingsvisie kan worden verankerd.

De middag is bedoeld voor de Brabantse medewerkers cultuurhistorie/erfgoed/monumenten, archeologie en ruimtelijke ordening bij gemeenten, provincie en rijk. De bijeenkomst vindt plaats in de kapel van het Clarissenklooster, Lange Nieuwstraat 191 in Tilburg. Aanmelden kan door een mail te sturen naar ondergetekende of naar info@monumentenhuisbrabant.nl.

In de bijlage treft u de uitnodiging en het programma aan. Stuur deze uitnodiging gerust door naar collega’s die zich bezighouden met de omgevingsvisie en interesse hebben.

We hopen u allen te mogen ontmoeten op 7 juni.

 

Restauratie monumentale schuur te Raamsdonk

Uniek samenwerkingsproject

De gemeente Geertruidenberg voert een actief erfgoedbeleid. In dat verband wil ze ook een bijdrage leveren aan het behoud en de bevordering van het vakmanschap. En Geertruidenberg voegt de daad bij het woord. Als eerste gemeente in Noord-Brabant en Limburg heeft ze het voortouw genomen om de restauratie van een monumentale schuur nabij de Korte Broekstraat 5 te Raamsdonk als een Revivak-opleidingsproject uit te voeren. Daartoe is met verschillende betrokken en belanghebbende partijen (o.a. Dongemond College, plaatselijke heemkundeverenigingen, de gemeentelijke monumentencommissie, Monumentenhuis Brabant, Rop-Zuid) een intentieovereenkomst gesloten.

Voor meer informatie over dit project lees hier verder.

 

Stelsel of lappendeken

Onderzoek naar de uitvoering van gemeentelijke monumentenzorgtaak

Stelsel of lappendeken

In januari 2018 is het onderzoeksrapport verschenen van BMC Advies naar de gemeentelijke taakvervulling op het gebied van de boven- en ondergrondse monumentenzorg. Dit onderzoek in de vorm van een quickscan is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van OCW.

Onderzoek

Het onderzoek is eind 2017 uitgevoerd aan de hand van vraaggesprekken met vertegenwoordigers van diverse belanghebbende organisaties, waaronder de Erfgoedinspectie, RCE, Erfgoedvereniging Heemschut, Vakgroep Restauratie en landelijke monumentenorganisaties. Acht thema’s die in het kader van de gemeentelijke monumentenzorg een rol spelen zijn onderzocht: (a) kennis, (b) beleid, (c) vergunningverlening, (d) onderzoek, (e) toezicht, (f) handhaving, (g) borging van archeologische waarden en (h) borging cultuurhistorische waarden beschermde gezichten en (i) kwaliteitszorg.

Bevindingen 

Hieronder een aantal opmerkelijke bevindingen die in het rapport staan vermeld:

  • De monumentenzorg op lokaal niveau kent vele facetten. De ervaring is dat doordat de betrokkenen bij de diverse aspecten elkaar amper spreken, er weinig uitwisseling is en er niet samen aan iets kan worden gewerkt. Diverse geïnterviewden spreken van ‘een permanente storing in de communicatie’.
  • Het ontbreekt in toenemende mate aan een gemeenschappelijke visie binnen gemeenten op wat er op het gebied van erfgoed passend is. Een bijproduct hiervan is dat ook een visie op bepaalde categorieën van monumenten ontbreekt. Een en ander wordt door alle betrokkenen ervaren als een groot gemis, ook al is het hebben van een visie geen wettelijke taak van gemeenten.
  • Er bestaat zorg over wat wordt gezien als een trend, namelijk om de RUD’s in toenemende mate in te schakelen voor de vergunningverlening; een effect is dat de samenhang in beleid (nog) verder wordt verstoord.
  • De rol van de provincies en de steunpunten wordt alom gewaardeerd. Gewenst wordt dat hun rol groter zou zijn.
  • Er is in toenemende mate behoefte aan het organiseren van persoonlijk contact tussen initiatiefnemers (vergunningaanvragers) en beoordelende actoren om ‘aan de voorkant’ met elkaar te bespreken wat er gezien de monumentale waarden bij een bouwkundige ingreep mogelijk en wenselijk is.
  • Het gemeentelijk toezicht (een wettelijke taak) is ‘een drama’. Het krijgt geen prioriteit, gebeurt ondeskundig en vaak pas nadat een restauratie of opgraving is afgerond. De betrokkenheid van de RUD’s heeft de situatie verslechterd. Vastgesteld wordt dat er in Nederland nog amper toezichthouders op het werk rondlopen.

De geïnterviewden maken zich vooral zorgen over een dalend niveau van kennis en deskundigheid bij gemeenten, een gebrek aan capaciteit (fte) en een versnippering van aandacht. Bijna alle geïnterviewden melden daarbij dat zij de indruk hebben dat de situatie bij gemeenten de afgelopen jaren is verslechterd.

Het hele rapport is hier te vinden.

 

‘Erfgoed Telt’

Afgelopen jaar hebben het ministerie van OCW en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, samen met de erfgoedsector, het erfgoedbeleid herijkt. Doel van het project ‘Erfgoed Telt’ is na te gaan of dit beleid doelmatig en efficiënt is in relatie tot de taakstelling: een breed gedragen beleid dat de monumenten en historisch waardevolle gebieden sterk maakt voor de toekomst en dat gesteund wordt door een optimaal stelsel van financiering. De conclusies van de evaluatie van het financiële stelsel zijn onlangs gepubliceerd. Een van de bevindingen is dat de basis van het financiële stelsel goed op orde is. Er is een integraal stelsel gebouwd waarmee belangrijke doelstellingen van de monumentenzorg, zoals het terugdringen van de restauratieachterstand en het in stand houden van monumenten worden behaald.

“Subsidies, leningen en fiscale aftrek voor monumentenzorg bevorderen planmatig onderhoud en bieden voor meerdere jaren continuïteit en zekerheid. Leningen in de vorm van revolverende fondsen zijn daarbij een zeer doelmatige manier van financieren voor het Rijk. De totale investering die met lenen wordt bereikt is veel groter dan alleen de financiële bijdrage van de rijksoverheid”, zo staat opgemerkt in het onderzoeksrapport.

 Lees hier het eindrapport ‘Samenhangende evaluatie van het financiële stelsel voor Monumentenzorg’

Subsidie voor tien Brabantse rijksmonumenten

Tien Brabantse monumenten krijgen in totaal ruim 3,1 miljoen euro restauratiesubsidie van de provincie. Gedeputeerde Henri Swinkels overhandigde de beschikking dit weekeinde persoonlijk aan vertegenwoordigers van Brouwerij De Gecroonde Bel in Oosterhout (272.847 euro), Fort Altena in Werkendam (400.000 euro) en de Maria Magdalenakerk in Geffen (237.190 euro).  Zeven andere monumenten ontvingen de beschikking per post.

De subsidie is bedoeld voor restauratie en instandhouding van rijksmonumenten. Gedeputeerde Henri Swinkels (Leefbaarheid en Cultuur): “De verbindings- en verbeeldingskracht van erfgoed is de basis voor ons erfgoedbeleid. Brabant is bezaaid met erfgoed, van oude kloosters en fabrieken tot forten en molens. Al dat erfgoed vertelt iets over onze identiteit, maakt ons verleden zichtbaar en verbindt ons er mee. Dat willen we zichtbaar maken en houden.”

Verhalen
Daarbij ligt de focus van de provincie op vier verhaallijnen: Religieus Brabant, Bevochten Brabant, Bestuurlijk Brabant en Bestuurlijk Brabant. “We investeren juist in erfgoed dat een belangrijke rol speelt in deze verhalen van Brabant. Deze restauratieregeling past daar in. Bij de tien monumenten die nu subsidie krijgen, zitten met de Sint-Jan in Den Bosch (248.204 euro) , de Grote Kerk in Breda  (217.972 euro) ook twee van onze vier topmonumenten, alle vier absolute iconen van de Brabantse geschiedenis”, aldus Swinkels.

De overige monumenten die een subsidie ontvingen zijn de Bartholomeuskerk in Waspik (400.000 euro), het Klooster Oude Dijk in Tilburg (325.628 euro), de stuwen in het Peelkanaal (onderdeel van de Peel-Raamstelling, 400.000 euro), Vredelust in Tilburg (400.000 euro) en De Wamberg in Berlicum (201.207 euro). Bij alle monumenten wordt de subsidie gebruikt voor restauratie en instandhouding, zoals het vervangen of restaureren van zaken als daken, gevels en ramen.